iso-8859-1 view source code


Path:  news2.ip-mobilphone.net ! NNTPLoader.ip-mobilphone.net ! news.sinica ! ctu-gate ! spring.edu.tw ! news.nctu.edu.tw ! news-spur1.maxwell.syr.edu ! news.maxwell.syr.edu ! skynet.be ! skynet.be ! 213.51.129.3.MISMATCH ! newshub1.home.nl ! home.nl ! zwoll1.home.nl .POSTED ! not-for-mail
From:  T381@home.nl (Turk381)
Newsgroups:  nl.religie
Subject:  [Islam FAQ] Islam uiteengezet [Update v2.0, Usenet: week 04/2003]
Message-ID:  <3e2c1478.10435911@news>
X-Newsreader:  Forte Free Agent 1.21/32.243
Lines:  681
Date:  Mon, 20 Jan 2003 15:45:34 GMT
NNTP-Posting-Host:  212.120.126.183
X-Complaints-To:  abuse@home.nl
X-Trace:  zwoll1.home.nl 1043077315 212.120.126.183 (Mon, 20 Jan 2003 16:41:55 MET)
NNTP-Posting-Date:  Mon, 20 Jan 2003 16:41:55 MET
Organization:  @Home Network
Xref:  news2.ip-mobilphone.net nl.religie:99056

Islam FAQ v2.0
Usenet: alt.nl.religie, 20-01-2003



Veranderingen t.o.v voorgaande versie 1.0:
+verbeterde opmaak en opbouw, +toevoeging selectie koranverwijzingen,
+wetenschappelijkere uiteenzetting en analyse, +diepere uiteenzetting
uitbreidingsperiode Islam, +toevoeging jaartallen en mythes Islam.



Index:
1. Inleiding
2. Inhoudelijke uiteenzetting ontstaan Islam (ontstaansfase)
3. Uitbreiding en verdere vormgeving Islam (uitbreidingsfase)
4. Psychologische redenen aanhang Islam en dagelijkse gevolgen
5. Mythes over de Islam
6. Websites/Links



|-------------------------------------------------------------------------
| 1. Inleiding
|-------------------------------------------------------------------------

1.1 Wat is de bedoeling van deze FAQ?
Deze FAQ tracht een beknopt wetenschappelijk overzicht te geven van het
ontstaansproces van de Islam (ontstaansperiode). Deze tekst gaat van de
assumptie uit dat de lezer weinig tot geen kennis heeft omtrent de Islam. Dit
neemt niet onverlet dat het ook door de gevorderde kenner gebruikt kan worden of
als naslag kan dienen.

1.2 Wat is niet de bedoeling van deze FAQ?
Deze FAQ pretendeert geen nauwgezette uiteenzetting van de Islam te geven. Zo
gaat het enkel deels in op de uitbreidingsperiode van de Islam (na de
ontstaansperiode). Voor meer informatie daaromtrent wordt verwezen naar de
daarvoor toegespitste wetenschappelijke literatuur. Noch is het de bedoeling
moslims te 'verlichten' of een soort 'kritisch vermogen' bij die aan te
wakkeren. De wetenschap pretendeert over de religieuze en diens persoonlijke
zingeving geen oordeel te vellen.

1.3 Waarom deze FAQ?
De meeste Islam FAQ's geven een uiteenzetting waarin eerder de persoonlijke
zingeving naar voren komt. Ze zijn dus vanuit de leer tot stand gekomen. Moslims
zullen zich voor allerhande vragen beroepen op de Islam, de van 'Allahswege'
gegeven openbaring. In diens ogen is de Islam alles wat waar, goed en
rechtvaardig is. Voor de wetenschapper mag dat echter allerminst als
uitgangspunt worden genomen. Men is enkel gebonden aan empirische gegevens.
Oordelen en idealiseren zit er niet bij. In deze FAQ wordt dan ook enkel
wetenschappelijke feiten aangereikt. Deze FAQ verschilt dan ook van andere FAQ
daar het een zo realistisch mogelijke weergave geeft van de feiten.

Daarnaast verschilt deze FAQ van andere FAQ's in die zin dat er middels
opgesomde empirische punten beknopt het wie, wat, waar, wanneer, waarom, waarmee
en hoe van de Islam wordt uiteengezet. Middels thematische onderwerpen wordt de
materie empirisch uitgestipt. Dit maakt het mogelijk dat aanvullingen
systematisch kunnen worden verwerkt en voor de lezer een beter beeld ontstaat.
Voor de compilatie van deze FAQ zijn verschillende multidisciplinaire
wetenschappelijke literaire bronnen gebruikt (dus geen internetpagina's). Noot:
de hier gehanteerde translitteratie kan licht afwijken zoals u dat elders
tegenkomt, deze zijn namelijk niet gestandaardiseerd.

1.4 Wat is de initiële locatie van deze FAQ?
Vooralsnog wordt deze gepost te Usenet in de Nederlandstalige nieuwsgroep
alt.nl.religie. Voor een officiële locatie houden we ons warm aanbevolen. Een
engelse versie is vooralsnog niet in aanmaak. Tevens kunt u vanuit uw website
linken naar deze FAQ mocht het eenmaal gearchiveerd zijn op het internet, bijv.
door Google.

1.5 Hoe dien ik te citeren uit deze FAQ?
Wetenschappelijke Islam FAQ v{x}, {deel y, subdeel y}, Usenet: alt.nl.religie,
{z}.
Waarbij u {.} vervangt door de versienummer x, datum z, en geciteerd (sub)deel y
van de FAQ.

1.6 Waar kan ik voor nadere informatie terecht?
Die kunt u o.a. stellen te alt.nl.religie. Tevens zijn wetenschappelijke
bijdragen op deze FAQ van harte welkom.

1.7 Copyright
Behoudens beperkingen door de wet gesteld, mag deze FAQ, zonder voorafgaande
toestemming, d.m.v. elke methode (druk, fotokopie, microfilm, cd-rom,
listservers e.a.) verveelvuldigd en/of openbaar worden gemaakt, zolang daarmee
geen commerciële activiteiten zijn gemoeid. Ondanks alle zorg die aan deze FAQ
is besteed, kan daarvoor geen aansprakelijkheid worden aanvaard.



|-------------------------------------------------------------------------
| 2. Inhoudelijke uiteenzetting ontstaan Islam
|-------------------------------------------------------------------------

Inleiding:
De Islam is een godsdienst gebaseerd op Arabische culturele gebruiken en is
ontstaan als gevolg van sociaal (historische) ontwikkelingen. Zaken zoals in het
heilige boek der moslims (de koran) beschreven, zijn dan ook opgetekende
gebruiken van destijds, waarvan o.a. een maatschappelijk structureringsprincipe
uitgaat. Zo kunnen de meeste van de onderstaande opsommingen op de een of andere
manier terug worden gerelateerd aan de koran. Ofwel, wat in de koran staat kan
aldus terug worden gerelateerd wat in de praktijk, de werkelijkheid, is gebeurd.
Waar nodig zijn koranteksten selectief onder de opsommingen verantwoord. Vele
koranteksten laten echter contradicties met elkaar of de werkelijkheid zien.
Daarnaast is het geheel nogal onlogisch en onsamenhangend. Dat is niet
verwonderlijk gezien de historische ontwikkelingen die geleid hebben tot het
ontstaan van de Islam en de optekeningen daarvan. Er zijn een aantal
verklaringen voor de contradicties:
- de beperktheid van de kennis omtrent de werkelijkheid. Ten tijde van het
ontstaan van de Islam was de Arabische cultuur betrekkelijk onontwikkeld;
- er werden telkens nieuwere voorschriften ingevoerd die de gemeenschap
ordenden. Oude voorschriften werden daarbij niet afgeschaft waardoor er
tegenstrijdigheden met de voorgaande ontstonden. De reden daartoe kan
liggen in de onkunde van de gezaghebbers (enkel een beperkt aantal mensen kon
immers schrijven) of dat men liever niet meer tornde aan de teksten (waaraan
immers een steeds meer bovennatuurlijk karakter werd toegewezen);
- na de dood van Mohammed werd de (islamitische) gemeenschap door diens
opvolgers (de zogenaamde kaliefs of religieuze schriftgeleerden) verder
vormgegeven. Dat impliceerde verdere of veranderde geïnstitutionaliseerde
inzichten. Verschillende koranteksten die her en der opduiken zijn dan ook geen
uitzondering. Het geheel van de koranteksten die thans de geldende koran vormen
bestaan uit 114 hoofdstukken (aangeduid als soera's) met daarin uiteenlopende
verzen (hoofdstuk:vers).

Met het 'goddelijke' heeft deze godsdienst dan ook op zich weinig te maken. Het
feit dat mensen deze godsdienst blijven aanhangen berust dan mede op
geïndoctrineerde aspecten, d.w.z. niet het kritisch vermogen hebben buiten de
pregedefinieerde instituties te treden. In de volgende thematische secties wordt
de Islam logisch uiteengezet.

A. Geologie
1. De geologische structuur van het Arabisch schiereiland bepaalt mede de
cultuur.
2. In Zuid-Arabie is er regelmatige neerslag op berghellingen. Dat maakte
landbouw mogelijk, waardoor een vorm van (zee)handel kon ontstaan. Deze gebieden
waren dan ook redelijk ontwikkeld met een eenvoudige vorm van geschrift.
3. In Noord- en Midden Arabie waren alleen bij oasen nederzettingen mogelijk.
Sommige daarvan groeiden uit tot kleine steden doordat ze profiteerden van de
gunstige ligging die tussen Zuid-Arabie (Jemen) en het Noorden ontstond.
Voorbeelden hiervan zijn Mekka en Medina. Mekka kon zich dus ontwikkelen door de
aanwezigheid van een bron en een gunstige ligging op handelsroutes (karavanen).

B. Antropologische uiteenzetting leefgemeenschappen
4. In de woestijncultuur waren leefgemeenschappen gegroepeerd rondom
nomadenstammen (Noord- en Midden-Arabie). De collectiviteit van de stam gaf een
mate van bescherming in het harde nomadenbestaan. Een nomadenstam kon weer
bestaan uit verschillende clans. Er werden verschillende Arabische dialecten
gesproken al naar gelang het regionale voorkomen der nomadenstammen.
12:2, 16:103, 26:5, 26:195.
5. Het bestaan was afhankelijk van het domineren van handelsroutes waarover
handgeld (bijv. in de vorm van goederen: vorm van belasting) moest worden
betaald. Vaak werd een razzia op vijandige, concurrerende stammen of karavanen
gehouden indien deze zich niet hielden aan de voorafgesproken regels.
6. Stamallianties werden vaak bezegeld door een genealogische constructie die de
desbetreffende stammen op een gemeenschappelijke stamvader terugvoerde. Een
stamhoofd leidde de stam, alle andere mannelijke leden waren zoveel mogelijk
gelijk.
7. Vrouwen werden reeds op jonge leeftijd uitgehuwelijkt op basis van
familiebanden en/of bondgenootschappen (economische of politieke belangen).
Weduwen werden re-uitgehuwelijkt uit reden van sociale zorg. Polygamie en
vrouwonvriendelijkheid was vanwege al deze redenen geen uitzondering. Daarnaast
bevat de hadieth, de ongesproken gelegitimeerde traditie, tevens vele
vrouwonvriendelijke elementen.
2:223, 4:15-18, 4:19-28, 4:22-24, 4:34, 4:176, 23:1-6, 24:2-5, 33:49-50, 59:7-8,
70:23-30.
8. Stammen die belangrijke nederzettingen of routes domineerden werden
economisch machtiger en daarmee ook militair machtiger: het vermogen tot meer
slaven of onderdanen te onderhouden impliceert een groter manschap en aldus een
overwicht.
9. Men droeg lichte gesloten kleding tegen de zon en hitte.


C. Antropologische en godsdienstfenemologische uiteenzetting religieus
belijdenis
10. Er is m.n. sprake van een oraal cultuur. De meeste stammen kenden geen
geschrift. Gesproken dichtkunst werd dan ook hoog gewaardeerd. De stamdichter
stond onder hoog aanzien. Deze ontleende zijn inspiratie soms aan geesten
(djinn). Daarbij gaat het om dromen of een staat van extase.
2:97, 2:102, 15:27, 18:50.
11. Daar waar aanzienlijke nederzettingen waren gegroeid stonden orakelpriesters
(kahins) onder hoog aanzien. Aan de hand van 'tekenen' konden deze de 'toekomst
lezen' (het lot). Bij tekenen moet men denken aan dromen, waterbronnen,
bijzondere stenen, volle maan, geesten (djinn), engelen e.a.
2:97, 2:102, 18:50, 41:31, 40:7, 50:24.
12. Nederzettingen die door hun ligging waren uitgegroeid tot heuse stadjes
(Mekka, Medina) kenmerkten zich door een heuse samensmelting van nomadengoden.
Deze economisch welvarende nederzettingen trokken veel nomadenstammen om de
handel aan. Dat ging gepaard met de daarbijbehorende goden. Ook Joodse,
Christelijke en Perzische handelaren droegen met hun godsdiensten bij aan de
veelzijdigheid van het godenpantheon. Adam, Mozes, Jezus e.a. zullen we dan ook
later terugzien in de Islam.
13. Aangezien Mekka welvarend was, werden vruchtbaarheidsgoden des te meer
aanbeden (symboliseerden de vruchtbaarheid, de welvarendheid, van Mekka). Allah
was een van de goden uit het godenpantheon, gerelateerd aan Mekka. Vandaar ook
wel een stadsgod genoemd. Ook wordt wel beweerd dat Allah een maangod is. Mede
doordat de benaming terug is te vinden in andere planetengoden. Dit kan ook een
gevolg zijn van het feit dat toen Mohammed deze god als 'de' god ging
proclameren het geïdentificeerd werd als een maangod. De waarde daarvan is
immers ruimer dan een lokale stadsgod. Zelf is het woordje afgeleid van
Semitische woorden als Al-ilaah (de godheid), Eloah (Hebreeuws) en Allaha
(Syrisch).
14. Voor de tweejaarlijkse markt in Mekka kwamen uit de wijde omgeving
bedoeïenen en handelaren naar de stad. De verschillende goden konden daarbij
worden aanbeden. De acceptatie van andermans god ligt hem daarin dat middels het
terugrelateren naar de goed- en vreedzaamheid van de god een stabiliseringfactor
ontstaat. Dit is een reden voor de acceptatie van veelgoderij.
15. Centrale object van verering in deze veelgoderij was de Kaba, een
kubusvormig gebouw met daarin een zwarte meteoriet die vereerd werd en nog
steeds wordt.

D. Economische ontwikkelingen Mekka
16. Mekka gaat het economisch door de wind (zie de gunstige ligging uit punt 3),
waardoor veel stammen zich tot dit stadje aangetrokken voelen. Het agglomeratie
effect gaat op.
17. Mekka wordt geleid door de nomadenstam der Kurash. Hiertoe behoort ook
Mohammed en zijn familie. Deze stam bestaat uit een drietal clans. We hebben
hier dus te maken met een (economisch en machtig) nomadenstam. Aangezien dit nu
gerelateerd gaat aan een heuse nederzetting kunnen we spreken van een lokale
vorstendom.
18. Deze Mekkanen kopen andere nomadenstammen met betalingen op. Hierdoor worden
razzia's tegengegaan. Dit leidt tot meer stabiliteit naar en rondom Mekka. De
regio wordt (nog) stabieler.
19. Het Zuiden van Arabie vreesde echter een achteruitgang in economie en macht.
Het Zuiden verklaart het Noorden dan ook de oorlog, maar de Jemenitische
expeditie wordt door Mekka (de familie Kurash) afgeslagen. Zie punt 8.
20. Ondertussen gaat het agglomeratie effect zijn tol eisen. Veel aangetrokken
nomadenstammen impliceert immers: gedeelde economische voorspoed is verminderde
voorspoed. De kloof tussen arm en rijk groeit in Mekka. Stammen die zich er
hadden gevestigd in de hoop op een beter bestaan gingen er nu op achteruit.


E. Interne twisten in de familie Kurash
21. Mekka werd dus gedomineerd door de stam der Kurash. Deze bestond dus uit 3
clans. Mohammed behoorde tot de clan der Hasjim. De vader van Mohammed
(Abdallah) overleed reeds voor diens dood. Zijn moeder op zes jarige leeftijd.
Mohammed werd daarna resp. door zijn opa en oom ontfermd. Op latere leeftijd
treedt Mohammed in dienst bij de weduwe Chadiedja. Daarmee is Mohammed later
tevens getrouwd. In totaal zou Mohammed ca. tien a twaalf keer trouwen en aldus
veel nageslacht voortbrengen (in de islamitische wereld beweren thans nog velen
een nageslacht te zijn van Mohammed. Bijv. de Marokkaanse koningsfamilie of
Saudische vorsten).
22. Andere clanleden domineerden Mekka en waren aanzienlijk rijker. Mohammed
viel dus deels buiten de boot. Mede vanwege de ontwikkelingen in Mohammed's clan
(dood ouders e.a.). De clans die Mekka domineerden hadden dan ook een sterke
vereenzelviging met de bestaande economische en politieke structuren, bijv.
sterke binding met de veelgoderij e.a.
23. Mohammed nam een revolutionaire houding aan tegenover de gevestigde
structuren. Mohammed hergroepeerde zich in een economisch verbond jegens deze
gevestigden. Aangeslotenen waren vooral de eigen clanleden. Dat Mohammed zich
ging afzetten van de bestaande structuren impliceerde tevens dat men zich
afzette van de daarbijbehorende godenpantheon. Daarbij speelde ook dat het
monotheïsme van de christelijke, perzische en joodse handelaren, dat immers veel
stabieler oogde dan de veelgoderij, hem aansprak.
24. We zien een anti-beweging tegenover de gevestigden ontstaan om de bronnen,
waarbij gevestigde structuren hun legitimerend ordeningskarakter verliezen. Een
leer wordt echter in het leven geroepen met een verkapping tot een god,
uitgekozen werd Allah, om de samenhang van de eigen groep in stand te houden.
Het terugvallen op bovennatuurlijke ontvangenissen geeft een sterker
geldingsdrang aan de leer. Het groepsbelang wordt in eerste instantie gesterkt
middels een salaat (het gedenken en lofprijzen van Allah, vergelijk het met de
lofprijzingen jegens de vruchtbaarheidsgoden). Ook de zakaat (het spijzigen van
de armen) draagt bij aan een groter draagvlak. De kloof tussen arm en rijk was
immers alleen maar groter geworden. Elementen als Adam, Abraham en Jezus worden
aangehaald om de nieuwe leer niet al te wereldvreemd over te laten komen. Men
stoelt dus terug op betrouwbare elementen. Overgave aan die ene god (islaam), in
het verlengde liggend van deze betrouwbare elementen, spreekt armen en zwakkeren
aan.
Terugvallen op oude bronnen en inspelen op armen: 1:4, 2:8, 2:62, 2:219, 2:177,
3:7, 3:67, 4:152, 5:6, 9:34, 10:71-73, 12:4-7, 12:109, 13:36-39, 16:49, 20:121,
25:67, 25:63-64, 27:87-88, 29:46, 30:30, 33:45-48, 38:41-43, 38:75-76,40:114,
43:1-4, 51:56, 53:37, 70:24-25, 89:16-20, 90:13-16, 95:4-6, 108:1-2.
Wij vs. zij inspelingen: 2:216, 2:75, 2:146, 3:31, 3:64, 4:136, 4:171-172,
6:125, 6:92, 9:30, 11:2-4, 11:7-8, 16:4, 18:29, 21:76-77, 21:45-47, 22:77-78,
27:59-64, 30:31, 33:18-19, 33:40, 36:61, 36:77, 39:2-4, 39:53, 65:1, 76:29-30,
81:27-29, 92:1-11, 98:6-8.
25. De leer krijgt opgetekende vorm (de koran; afgeleid van benamingen als
lezen, reciteren), hetgeen bijdraagt aan de duurzaamheid van de gemeenschap.
26. De beweging van Mohammed krijgt met name aanhang uit armere lagen en eigen
clanleden. Gepaard gaande met het terugvallen op betrouwbare elementen leidt dit
tot steeds meer aanhang. De toenemende aanhang leidt er wel toe dat deze een te
grote bedreiging vormt voor de bestaande structuren. De tegenstand van de andere
clanleden loopt dan ook op. Uiteindelijk is men genoodzaakt Mekka te
ontvluchten. Daarbij vlucht men naar een ander redelijk ontwikkeld stadje,
Yathrib, dat later door zou gaan als Medinat al-Nabi ('de stad van de profeet'),
kortweg Medina. Deze uittocht wordt de hidjra genoemd. Letterlijk vertaald
betekent dit het doorsnijden van de stambanden. Dit vond plaats in 622 AD. Dat
jaar is tevens gaan gelden als het begin van de islamitische jaartelling.


F. In Medina
27. In Medina wordt de leer verder gestructureerd. Zo wordt de salaat voortaan
in daartoe gerichte huizen volbracht (moskeeën). Tevens gingen alle leden van de
leer voortaan door als een gemeenschap (de oemma). We zien dus dat het bekende
wij versus zij-ideologie de groep bij elkaar houdt. Anderen buiten de
gemeenschap worden als 'twijfelaars' (moenafikoen) gelabeld. Ook tegenwoordig
zien we dergelijke samenscholingsprocessen rondom bestaande of nieuwe
bewegingen. Intern gericht beziet men elkaar gelijk, maar naar buiten toe
manifesteert men zich als een blok. Dit draagt bij aan de duurzaamheid van de
groep. De groep wordt intern en extern, dwz naar buiten toe, geordend.
2:184, 2:185, 4:11-14, 4:15-18, 4:19-28, 4:43, 5:38, 5:90-91, 5:38-39, 8:1,
8:41, 24:2-5, 33:49, 59:7-8.
28. Aangezien de gemeenschap aan geldgebrek leed werden vaak razzi's rondom
Medina georganiseerd om er wat beter voor te staan. Op den duur richtte men de
oorlogstactiek echter richting de Mekkanen. Een belangrijk veldslag resulteerde
in de maand ramadan, het maandelijks vasten, als dankbaarheid voor deze
overwinning (de overwinning bij Badr, 624 AD). De successen leiden ertoe dat de
eigen weg steeds meer als de enige waarheid werd bezien. De leer gaat dan ook
steeds meer boven de groep uitstijgen. De optekeningen verworden steeds meer tot
Allah's exegesen.
2:184-185, 8:9, 8:12, 50:24.
29. Er volgden echter ook nederlagen (bijv. de slag van Oehoed, 625 AD). Om de
gemeenschap en de daarbijbehorende leer toch in stand te houden werden die
gerationaliseerd als een beproeving van Allah. Wie behoorde tot de martelaren
van de leer en wie tot de 'Twijfelaars'?
30. Men was of voor of tegen Mohammed en zijn leer. ca. 800 mannen van de joodse
stam der Koeraiza werden door Mohammed en zijn mannen vermoord na een belegering
aangezien deze de Mekkanen zouden hebben geholpen. Alle vrouwen en kinderen
werden daarbij buit gemaakt en/of (later) doorverkocht.
31. Om de spanningen en rechten tussen de verschillende etnische groepen niet
teveel op te laten lopen dan wel te garanderen, kregen joden, christenen en
mazdeers de status van beschermde. Ook dit werd in teksten vastgelegd.
32. Inmiddels werden met steeds meer stammen bondgenootschappen tegen de
Mekkanen gesloten. Uiteindelijk was het overgewicht van Mohammed en zijn mannen
te groot en volgde overgave van de Mekkanen na acht jaar van bloedige oorlogen.
Alle macht kwam daarbij bij deze beweging, de islam, te liggen. De veelgoderij
werd onmiddellijk afgeschaft met een verder absolutismering van de leer. Later
werden niet-moslims verboden een pelgrimstocht (hadjj) naar de Kaba te maken,
waardoor dit een puur zuivere islamitische aangelegenheid werd.
2:255, 5:3, 21:104, 29:41, 30:31, 33:40, 35:11, 37:35, 57:12, 63:11, 70:8-9,
76:30, 98:6-8.
33. Binnen de komende jaren vielen alle Arabische stammen onder de economische
en militaire macht van Mohammed. Ook daarvoor waren soms oorlogen nodig, zoals
tegen de Taif, de traditionele tegenstanders van de Kurash. Sindsdien kan men
spreken van eenheid van de Arabische leefgemeenschappen. Het wij versus zij
gevoel zou echter niet stilstaan. Zo werden heilige oorlogen (jihaad) tegen
joden, christenen en mazdeers georganiseerd zolang deze geen tribuut betaalden.
Militaire expedities en uitbreidingperikelen leidden tot een uitbreiding van de
islam. Mohammed overlijdt in 632 AD, maar het ontstaan van de Islam is nu een
feit.



|-------------------------------------------------------------------------
| 3. Uitbreiding en verdere vormgeving Islam
|-------------------------------------------------------------------------

Het bovenstaande gaf een uiteenzetting over het ontstaan van de Islam
(ontstaansfase). Dat is genoeg om de Islam te begrijpen. Vanaf hier worden
slechts enkele punten aangehaald omtrent de uitbreidingsfase van de Islam. Deze
gaat wat dieper in omtrent de materie.

A. Na Moahmmed's dood geven de nieuwe leiders verdere vorm aan de koran middels
nieuwe en/of veranderde voorschriften. Oethmaan was degene die de verschillende,
zij het geselecteerde of geadapteerde, koranteksten liet bundelen tot een
boekvorm en die verder liet verspreiden naar centra van de uitbreidende
Arabieren. Andere bronnen die tevens her en der hun gelding zouden vinden in de
islamitische wereld, betreffen de hadith (de ongeschreven traditie ten tijde van
de Mohammed), de soenna (overgeleverde uitspraken en handelingen van Mohammed),
de sjoera (raad van leiders ingesteld na de dood van Mohammed) en de
(daarbijbehorende) tafsir (commentaar en uitleg van de koran) en de biografie
van Mohammed. Deze traditionele bronnen vormen dus een soort supplement op de
koran en dateren van ca. 750 AD t/m 950 AD.

B. Na Mohammed's dood volgen twisten om het leiderschap (kalief) van de
gemeenschap. Bloedige twisten leiden tot een tweetal belangrijke stromingen: het
soennitisme en het veel minder voorkomende shiïtisme. Het soennitisme (van
soenna) gaat vooral uit van de koran en de overige traditionele bronnen (zie
boven). Het soennisime is te verdelen in een viertal scholen (Hanifi, Maliki,
Shafi en Hanbali). Deze zijn ontstaan om de koran en de traditionele bronnen te
interpreteren en daaraan in het dagelijks leven verder vorm te geven.
Op zich is er weinig verschil met het shiïtisme (beiden gaan uit van de koran en
de daarbijbehorende 5 pilaren, geboden, verboden en diensten), zij het dat
degenen die vinden dat het leiderschap in de familie (dezelfde clan) moet
blijven, zich groeperen rondom Mohammed's schoonzoon Ali. Later leidt dat tot
extra belijdenisdiensten. Zo herdenken de shiiten in Iran de dood van Ali
middels processieoptochten. Shiïtisme komt dus van Shi'at Ali, 'de partij van
Ali', diens aanhang ook wel aangeduid als alawiten/alawitisme en dient niet te
worden verward met de Turkse alevieten (alhoewel verschillende groepen van deze
laatste wel elementen uit het alawitisme in hun levensbeschouwing hebben
geïntegreerd. Vandaar vaak de (Babylonische) verwarring en onterechte
gelijkstellingen, mede door de Turkse islamitische assimilatiepolitiek). De
mannelijke lijn van nageslachten van Ali wordt ook wel Ehli-Beyt genoemd en
bestaat uit 11 geslachten. Al naar gelang de regio zal later rondom elk van dit
geslacht min of meer een stroming ontstaan.

C. De eerste kalief na Mohammed's dood wordt Aboe Bakr (andere clan), daarna
Oemar (andere clan), vervolgens Oethmaan (andere clan), vervolgens alsnog Ali
(zelfde clan). Al deze vier stierven dus door interne twisten aan moord en
wederzijdse oorlogen. Dit alles geschiede binnen een periode van 29 jaar.

D. Wederzijdse oorlogen tussen het Byzantijns Rijk en Perzisch Rijk hadden
elkaar wederzijds verzwakt, met als gevolg dat er nu geen weerstand meer kon
worden geboden tegenover Arabische (islamitische) uitbreidingsplunderingen. Zo
had de regio rondom Israël het in het verleden economisch zwaar te verduren.
Betaling aan sattelietstammen in Noord-Arabie konden door Heraklios niet meer
worden waargemaakt, hetgeen leidt tot latere Arabische veroveringsvergeldingen.
In 644 AD waren zowel de Byzantijnse als Perzische grootmachten beslissend
verslagen.

E. De Koerden gaan over op de Islam en dragen wezenlijk bij aan de verspreiding
van deze.

F. Kruistochten om het heilige land;

G. Mystieke broederschappen (Soefisme) gaan aan de Islam (zij het onder
nationale bewegingen zoals het Kemalisme, 20e eeuw) ten onder of er vind juist
een synthese plaats (denk aan de Mevlana orde). Tegenwoordig is er nog
nauwelijks sprake van Soefisme.

H. De Seljoek-Turken met hun krijgscultuur dragen ook bij aan de verspreiding
van de Islam. De Seljoek-Turken gaan de Islam aanhangen, bij het verbond horen,
om aldus hun mogelijkheden in het Midden-Oosten te versterken. Mede doordat men
zo geen belastingen hoeft te betalen aan de moslims. Later zullen de minder
economisch bevoordeelde Turkmeen-Turken zich schikken aan de Seljoek-Turken,
waardoor ook deze de Islam gaan aanhangen. De sterk hiërarchische regionale
Seljoek-structuur (met aan hoofd een zogemaande 'Sultan') ging echter teniet aan
wanbeheer en Mogol-invallen. Een Seljoekdivisie in het Noordwesten van Anatolië,
bekend onder de naam de Ottomaanse divisie, kon echter reorganiseren en
uitbreiden. Mede doordat van reeds bestaande Seljoek-structuren gebruik kon
worden gemaakt. Ook de Ottomaanse mogendheid ging uiteindelijk ten onder
(daarmee werd de uitbreiding van de Islam op macroniveau gestopt), gepaard
gaande met de Armeense en Assyrische holocaust.

I. Aangezien de cultuur van de Turken, Perziers, Berbers e.d. met die van de
Arabieren verschilt, zien we ook verschillende graden en vormen van Islam
ontstaan. Bij de Turken gaat het met name om de ordeningsprincipe die met de
Islam kan worden bewerkstelligd. Dat later de Ottomanen over de Arabieren zullen
heersen is dan ook niet verwonderlijk.

J. Na de Eerste Wereldoorlog worden de regio's in naties opgedeeld. Dat gaat
gepaard met een verdere structurering middels en/of vormgeving van de Islam. Het
verdient aanbeveling hierbij elk land apart te beschouwen. Zo zien we in Turkije
islamitische bewegingen rijzen die met de immigratiegolven uit de jaren zestig
tot tachtig tevens hun weerklank zullen vinden in Nederland. Bijvoorbeeld de
nurcu's zijn volgelingen van de koerdische Said Nursi (1873-1960). De
Nurci-beweging is een sterke dogmatische islamitische beweging die streeft naar
een islamitische staat. Men heeft zich gegroepeerd in politieke partijen en
rondom eigen instituties (media, scholen, jongerenkampen e.d.). De Suleymanli's
zijn volgelingen van Suelyman Hilmi Tunahan (1888-1959). Ook deze streven naar
een islamitische staat middels eigen instituties en zien hun eigen vorm van
Islam als de enige gelegitimeerde. Een andere beweging die terugvalt op
islamitische idealen betreft de Grijze Wolven (afgeleid van hun symbool, de
grijze wolf) (ulkuculer, bozkurtlar). Deze racistische beweging heeft de
zogenoemde 'Turkse uitverkorenschap' gelinkt aan de 'islamitische
uitverkorenschap'. Ook deze hebben zo hun eigen instituties, bijv. de MHP
(Nationale Actiepartij). Deze voorbeelden tonen enkel de wisselwerking tussen
natie en Islam aan. Noot: thans kennen de grijze wolven enkele
splintergroeperingen die zich enkel beroepen op hun Turkse afkomst (het puur
raszuiver willen houden van de leer, Arabische elementen als de Islam zitten
daar niet meer bij. In de religieuze belevingswereld valt men daarbij terug op
oud-Turkse elementen). Bij andere landen kan men denken aan bijv. de
wahhabidanen (denk aan Osama bin Laden, Saudie-Arabie) of de Taliban
(Afghanistan) etc. etc.

K. Indien men op de een of andere manier terugvalt op de Islam, dan kan men
spreken van 'Islamisme'. Indien dat een persoon betreft spreekt men van een
'moslim, islamiet of islamist'. Het kan dus ook gaan om instituties, structuren
e.d. Indien dit gepaard gaat met de beknotting van de mensenrechten van anderen,
van 'fundamentalisme'. Dat kan fysiek zijn (extremisme) of institutioneel
(fascisme). Aangezien in zowat alle gevallen fundamentalisme gekoppeld is aan
(extreem-rechtse) nationalistische ideologieën, is het begrip "religieus
nationalisme" een betere benaming dan fundamentalisme. De sociaal-historische
uiteenzetting van boven gaf al aan dat de Islam sterk te maken heeft met
Mohammed, vandaar wordt diens aanhang en leer ook wel aangeduid als
Mohammedanen/Mohammedanisme. Aangezien de nadruk dan echter komt te liggen bij
Mohammed en niet zozeer de door Allahswege gezonden openbaring, heeft deze
benaming nogal een negatieve klank bij moslims.
Een 'islamoloog' daarentegen is iemand die de Islam of een facet daarvan
(wetenschappelijk) als object van studie neemt.



|-------------------------------------------------------------------------
| 4. Psychologische redenen aanhang Islam
|-------------------------------------------------------------------------

- Onwetendheid.
- 'Zo vader, zo zoon'.
- Angst voor het 'andere'.
- Een sterke proclamering van 'Allahs uitverkorenschap en verlossing' impliceert
als snel dat een andere god niet bestaat en die levenswijze onjuist is. Leidt
als instrument tot mensenrechtenschendingen en/of angst voor een andere
werkelijkheid (humanisme, pantheisme, spiritualisme, shamanisme, hinduisme e.d.:
staat gelijk aan 'ongelovigheid' of 'atheisme').
- Bestaande structuren kunnen door leiders, dan wel fascistische bewegingen, in
stand worden gehouden.
- Een uitweg die de gruwelijke werkelijkheid verklaar zonder dat
begrijpelijkheid nodig is, aangezien 'de leer het verstand te boven gaat'.
- 'Voor Allah'.
- Persoonlijke gevoelens van gemis en isolatie die door de collectiviteit van de
groep een compenserend gevoel van welbehagen scheppen.
- Een laag begrijpelijke drempelwaarde.
- Het veelvuldig herhalen van standpunten, leerstukken en geloofsartikelen die
leiden tot het gevoel van logica en vanzelfsprekendheid.
- Toewijding aan en charisma van geestelijke en politieke leiders.
- De gebondenheid van de groep (kan ook familie zijn) die middels het uitvoeren
van de geboden en diensten wordt bewerkstelligd.
- Een vastenmaand waar alle zonden kunnen worden gereinigd.
- Een uitzicht op sensueel genot in de hemel (Allah's maagden voor de
religieuze).

Naast het praktiseren van de geboden, verboden en diensten, al naar gelang het
beste uitkomt voor een moslim, wordt het volgende tevens geobserveerd:
achterlijkheid, arrogantie, gewelddadig karakter, godsdienstig/ritueel mens,
ondermijning van democratische structuren, taalverarming,
mensenrechtenschendingen (zie alle islamitische landen), het alles koppelen aan
de koran, verliezen van elke discussie over de eigen leer en het uiteindelijk
maar simplifistisch terugvallen op 'Allah's wil'.



|-------------------------------------------------------------------------
| 5. Mythes over de Islam
|-------------------------------------------------------------------------

Een mythe wil zeggen dat iets als waarheid wordt gezien, maar dat geheel niet
klopt. Meestal ontstaan dergelijke wijdverbreide misvattingen doordat men koppig
elkaars woorden overneemt. Hieronder worden een teintal mythes behandeld die
vervolgens juist worden gezet.

1. "Er is maar een koran".
Dat klopt dus niet. Archeologen hebben in Sana (Jemen) bij de restauratie van de
oude Grote Moskee nieuwe koranteksten ontdekt, genoeg voor een hele nieuwe
koran. Deze dateren terug naar ca. 700 AD. Thans worden deze teksten door
wetenschappers geanalyseerd in Duitsland (vastgelegd in microfiches). Het staat
overduidelijk vast dat deze uit de periode van Mohammed stammen en daarop
betrekking hebben. Dit feit wordt ook door islamitische wetenschappers erkend.
Daarnaast worden thans een tweetal officiële versies van de koran gehanteerd.
Een van de kernpunten van de Islam, namelijk de zogenaamde ongeschapen en
onveranderde openbaring, wordt daarmee weerlegd. Dit is ook niet zo
verwonderlijk aangezien (zie uiteenzetting boven) de leer onder verschillende
sociaal-historische omstandigheden tot de koran is geïnstitutionaliseerd. Er
zijn zelfs vooraanstaande wetenschappers die ervan uitgaan dat de optekeningen
pas na Mohammed's dood volgden. Daarvoor werd alles uit het hoofd onthouden.

2. "Mohammed was arm en behoeftig".
Mohammed was dus allesbehalve arm (zie uiteenzetting boven). Mohammed werd op 5
a 6 jarige leeftijd wees. De bezittingen van zijn ouders, zoals dat bij
bedoeïenculturen het geval is, gingen over naar zijn familie (logisch).
Mohammed's familieleden ontfermden zich verder over hem (logisch). Moslims
hebben echter de akelige neiging Mohammed neer te zetten als een 'arme' nadat
hij wees werd, dat men plotseling niets meer zou hebben. Met zijn huwelijk met
een vrouw uit een andere rijke handelsfamilie erft hij na haar dood diens
eigendommen. Men kwam dus al uit een rijke familie en hoefde zich nergens zorgen
om te maken. Middels deze huwelijk werd men dus weer nog rijker. In totaal zou
Mohammed tien a twaalf keer trouwen. De meeste daarvan betroffen
uithuwelijkingen, de jongste was een negenjarig meisje. Destijds was het
namelijk zo dat huwelijken gebaseerd waren op stamallianties, daarbij spelen
economische en politieke factoren een rol. Dit antropologisch feit gaat nog
steeds op.

3. "De arabieren met hun Islam hebben de getallen uitgevonden".
Ook dit klopt dus niet. Al te vaak wordt gedacht dat het de Arabieren waren die
het getalsysteem hebben uitgevonden. Vormen van geschreven getalsystemen werden
al millennia- en eeuwenlang daarvoor gehanteerd door de Egyptenaren,
Mesopotamiërs, Grieken, Romeinen, Chinezen en Indiërs. Pas toen Arabische
handelaren met India in aanraking kwamen werd het getalsysteem daarvan
overgenomen en verbeterd tot het positionele stelsel. Vervolgens werd dat via
Spanje in Europa geïntroduceerd. Voor de 7e eeuw kenden de Arabieren nauwelijks
een vorm van geschrift (dus wel enkele inscripties her en der). Het was een
oraal cultuur.

4. "De arabieren hebben met hun Islam de wiskunde uitgevonden".
Ook dit is een wijdverbreide misvatting en is sterk gerelateerd aan de
voorgaande. Zie bovenstaande volkeren. Zo kenden de Grieken immers al het
geometrische stelsel. Wel werd door het positionele stelsel berekeningen
eenvoudiger gemaakt en ontstond bij de Arabieren een voor die tijd zeer
ontwikkelde vorm van algebra. Dat zou zich tevens laten gelden in de
sterrenkunde.

5. "De Islam bracht vrede met zich mee voor alle volkeren".
Integendeel. Zoals de sociaal-historische uiteenzetting aangeeft, was het
ontstaan en de uitbreiding van de Islam niets anders dan bloed, dood en verderf.
Macht en kracht. Pas toen alles onder islamitische heerschappij stond
stabiliseerde een en al zich enigszins. Dat betekende tevens een periode van
culturele bloei en ontwikkeling voor de Arabische mogendheid (daar waar andere
mogendheden juist afbrokkelden). Zo werden in deze bloeiperiode vele van het
oorspronkelijke Griekse materiaal in het Arabisch vertaald, waar vanuit later
door West-Europese wetenschappers vertalingen in het Latijn werden gemaakt.

6. "Alle volkeren gingen vreedzaam over op de islam omdat deze hen aansprak".
Ook dit is onjuist. Enkel gingen volkeren als de Seljoek-turken en in diens
kielzog de Turkmeen-turken over op de Islam. Dit doordat deze zo hun
mogelijkheden in het Midden-Oosten konden vergroten, bijv. doordat ze nu geen
belasting hoefden te betalen aan de Arabieren. Men was immers een nieuw acteur
op het toneel. Tevens kon onder het mom van de Islam de eigen krijgscultuur
gemakkelijk voort worden gezet in de trek richting het westen. Andere volkeren
gingen min of meer gedwongen over op de islam na de Arabische veroveringstochten
of doordat men zo aan belastingen trachtte te ontkomen. De arabieren regelden
onderling zelf hun verdeling over de veroverde gebieden en de buitgemaakte
schatten en slaven.

7. "Islamieten zijn democratisch en vreedzaam".
Weer een onjuistheid. Het zijn juist de islamitische landen waar mensenrechten
ernstig worden geschonden (rapportages mensenrechtenorganisaties en -organen).
De meeste islamitische landen hebben niet eens een democratisch bestuursvorm
maar berusten nog op oude paternalistische systemen. Daarnaast blokkeert de
meerderheid via het politiek besluitvormingsproces telkens beslissingen ten
gunste van de rechten van minderheden (bijv. Turkije). Een kenmerk van
democratie is dat juist rekening wordt gehouden met de rechten van de
minderheid. De meerderheid collectiviseert zich meestal in islamitische dan wel
sterk nationalistische partijen. Deze meerderheid is veelal mogelijk doordat ze
breed worden gesteund door de (rechtse) bevolking van het land. En vervolgens
hypocriet verkondigen dat men als islamiet vreedzaam is tegenover anderen en die
respecteren. Islamieten in Nederland laten een sterke binding zien met de
rechtse partijen uit het thuisland.
Hierbij zijn we nog niet eens ingegaan op vormen van islamitisch extremisme.

8. "De Islam is de snelst groeiende religie ter wereld".
Dit is niet zozeer een mythe maar een drogreden. Het houdt namelijk geen
rekening met relatieve statische grootheden, maar baseert zich enkel op absolute
getallen. Doordat er onder islamieten sprake is van een enorme geboorteoverschot
(veelal vanwege slechte economische toestanden of een lage sociale positie),
leidt dit automatisch tot een hoger aanhang. Men wordt immers automatisch
islamiet. Echter, bij dergelijke definiëringprocessen is het van belang te
kijken in hoeverre dit uit vrije wil gebeurt (ethica). Indien we een leeftijd
van 21 hanteren, zien we relatief weinig mensen overgaan op de Islam. Zo is dat
getal in Nederland te verwaarlozen. Integendeel, steeds meer Islamieten worden
zich bewust van de sociaal-historische aspecten van deze religie en gaan over op
andere levensbeschouwingen. Zo is in Turkije het atheïsme, humanisme en het
Christendom relatief groeiend ten opzichte van de Islam (toch wordt vanwege
islamitisch nationalisme alles stilzwijgend onder de noemer van de Islam
geschaard). Op wereldniveau zijn levensbeschouwingen als het atheïsme, humanisme
en Boeddhisme een sterkere relatieve groei. Hierbij zijn we nog niet eens
ingegaan op het feit dat de Islam verschillend wordt beleden. Vele mensen doen
niet eens aan de islam, maar noemen zich toch moslim omdat men behoefte heeft
als zodanig door het leven te gaan.

9. "De islam betreft de laatste openbaring van god".
Bij deze mythe moeten we uitkijken doordat er vanuit een persoonlijke zingeving
wordt beredeneerd. De islamiet erkent immers enkel de monotheïstische religies.
Indien er dan een openbaring vanuit een andere religie wordt gedaan, zoals we
dat bijv. bij de Hindoestaanse levensbeschouwingen hebben zien gebeuren, wordt
deze bij voorbaat door de islamieten als nonsens afgedaan. Het toont dan ook de
arrogantie van de moslims jegens andersdenkenden aan. En dat terwijl de
Hindoestaanse openbaringen een zeer spiritueel, humanistisch of
NewAge-achtig aard hebben en men eerder geneigd is te zeggen dat deze de
mensheid meer eer aan doen.

10. "Soefisme is de mystieke tak van de Islam".
Weer onjuist. Soefisme (mystieke broederschappen) bestond al lang voor de komst
van de Islam. Met de uitbreidingsfase zien we echter vele soefistische
broederschappen ten onder gaan aan de Islam of juist met de Islam synthetiseren.
Thans wordt door de wetenschap erkend dat met dit institutioneel feit in eerdere
onderzoeken geen rekening is gehouden. Daarnaast is zoiets als een 'mystieke
tak' van de Islam een contradictio interminus. Mystiek gaat immers niet uit van
openbaringen, geboden, verboden of diensten om een god. Initiële mystici deden
daar niet aan. Bij mystiek draait het enkel om de samensmelting van het
individuele met het 'goddelijke' (dus niet zozeer met 'god').



|-------------------------------------------------------------------------
| 6. Websites/Links
|-------------------------------------------------------------------------

Hieronder worden enkele websites gepresenteerd voor nadere informatie. Het zou
onmogelijk zijn een overzicht te geven van alle websites. Vandaar betreft het
onderstaande slechts een kleine selectie. Voor meer websites raadpleegt u de
linksecties hiervan. Enkel zijn objectieve websites opgenomen. Websites waar de
persoonlijke zingeving voorop staan zijn dus niet opgenomen. Gezien internet's
dynamiek kunnen sommige links inmiddels gebroken dan wel van locatie zijn
veranderd:

- www.secularislam.org (tip)
- www.answering-islam.org (tip)
- www.islamexposed.com
- www.islamreview.com
- www.dhimmi.com
- www.dhimmitude.org
- www.homa.org
- www.islamiyetgercekleri.org (enkel in het Turks)
- www.sullivan-county.com/id2/index.htm
- www.bwoi.cjb.net
- www.geocities.com/the_awful_truth_about_islam/index.htm
- www.mypage.bluewin.ch/ameland/index.html
- www.geocities.com/enough_net/right-islam.html
- www.bible.ca/islam.htm
- www.geocities.com/lone_wolf_gc/

---Einde FAQ---